Het gemiddelde pensioen binnen het Spaanse stelsel van de Sociale Zekerheid is in januari uitgekomen op 1.363,4 euro per maand. Dat is 4,5 procent meer dan in dezelfde maand een jaar geleden. Dat blijkt uit cijfers van het Spaanse ministerie van Inclusie, Sociale Zekerheid en Migratie.
In januari zijn in totaal 10.452.674 pensioenen uitbetaald aan ruim 9,4 miljoen personen. De totale maandelijkse pensioenuitgaven bedroegen 14,25 miljard euro. In de januarinota is de jaarlijkse herwaardering van de pensioenen verwerkt. Die werd in december door de ministerraad goedgekeurd en moet nog door het parlement worden bekrachtigd.
De algemene pensioenverhoging bedraagt 2,7 procent, in lijn met de gemiddelde inflatie tussen december 2024 en november 2025. Dit mechanisme is vastgelegd in de wet uit 2021 die het behoud van de koopkracht van gepensioneerden moet waarborgen. Voor minimale en niet-contributieve pensioenen (pensioenen waarvoor geen premies zijn betaald) geldt een hogere stijging, variërend van 7 tot 11,4 procent, afhankelijk van de persoonlijke situatie.
Door de herwaardering nemen de pensioenen gemiddeld met ongeveer 500 euro per jaar toe. Voor gepensioneerden met een gemiddelde ouderdomsuitkering loopt dit bedrag op tot circa 570 euro per jaar. Het gemiddelde ouderdomspensioen bedraagt inmiddels 1.563,6 euro per maand.
Het grootste deel van de pensioenuitgaven betreft ouderdomspensioenen, goed voor 73 procent van het totale bedrag. Daarnaast is in januari 2,28 miljard euro uitgekeerd aan nabestaandenpensioenen. Ook uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid, wezenpensioenen en pensioenen voor andere nabestaanden maken deel uit van de maandelijkse uitgaven.
Volgens het ministerie bevestigen de cijfers dat de herwaardering bijdraagt aan het behoud van de koopkracht van gepensioneerden in een periode van aanhoudende prijsstijgingen.
Bron: Spaans ministerie van Inclusie, Sociale Zekerheid en Migratie (26 januari 2026)
