Het tekort van de Spaanse sociale zekerheid komt in 2025 uit op 0,4 procent van het bbp, het laagste niveau sinds 2011, dankzij hogere inkomsten uit premies.
Het saldo komt neer op een tekort van 7.387 miljoen euro, tegenover 9.834 miljoen euro een jaar eerder. Daarmee is het tekort in verhouding tot de economie met 0,2 procentpunt gedaald ten opzichte van 2024 en ligt het 1,3 procentpunt lager dan in 2016, toen het systeem het grootste tekort kende.
De daling hangt samen met een duidelijke stijging van de inkomsten. De premie-inkomsten stijgen met 6,9 procent en bedragen 176.918 miljoen euro, goed voor 10,5 procent van het bbp. Dat is 11.341 miljoen euro meer dan een jaar eerder.
Sinds 2019, het laatste jaar vóór de pandemie, zijn de inkomsten uit premies zelfs met 42,4 procent gestegen. Volgens het ministerie komt dit vooral door de groei van de werkgelegenheid.
Ook het zogeheten intergenerationele solidariteitsmechanisme (MEI), ingevoerd in 2023, levert meer op. De inkomsten hieruit stijgen met 33 procent tot 4.935 miljoen euro, bedoeld voor het reservefonds van de sociale zekerheid.
Aan de uitgavenkant nemen de kosten eveneens toe. De totale uitgaven aan uitkeringen en voorzieningen stijgen met 6,7 procent tot 225.351 miljoen euro. Het grootste deel daarvan gaat naar pensioenen, die samen 206.360 miljoen euro bedragen.
De stijging van de pensioenuitgaven hangt samen met meer gepensioneerden, hogere gemiddelde pensioenen en een herwaardering van 2,8 procent in 2025.
Bron: Ministerio de Inclusión, Seguridad Social y Migraciones (31 maart 2026).
