Spanje herplaatst 1.019 alleenstaande minderjarigen vanuit grensregio’s

Spanje heeft 1.019 alleenstaande minderjarige migranten vanuit Ceuta, Melilla en de Canarische Eilanden overgebracht naar andere autonome regio’s. Dat maakte minister van Territoriaal Beleid en Democratische Herinnering Ángel Víctor Torres dinsdag bekend na overleg in Ceuta met regeringsvertegenwoordigers en betrokken ministeries.

De drie gebieden hebben de status van migratienoodtoestand. Uit de cijfers blijkt dat de voortgang per regio verschilt.

In Ceuta zijn 320 van de 448 minderjarigen van wie het dossier door de regeringsdelegatie is afgerond, overgebracht. Dat komt neer op 71,4 procent. In Melilla gaat het om 57 van de 66 minderjarigen, oftewel 86,3 procent.

Op de Canarische Eilanden ligt dat aandeel lager. Van de 671 afgeronde dossiers zijn 202 minderjarigen herplaatst, ongeveer 30 procent. De overplaatsingen volgen uit de wijziging van artikel 35 van de Spaanse Vreemdelingenwet.

Volgens de verstrekte gegevens kunnen op basis van afgeronde dossiers nog 606 minderjarigen worden overgebracht naar andere regio’s. Het gaat om 469 op de Canarische Eilanden, 128 in Ceuta en 9 in Melilla. Hun dossiers zijn afgerond, maar zij zijn nog niet verplaatst.

Daarnaast heeft de Spaanse regering gehoor gegeven aan uitspraken van het Hooggerechtshof (Tribunal Supremo) over asielaanvragen op de Canarische Eilanden. In totaal zijn 731 personen opgenomen in het nationale systeem voor internationale bescherming. Van hen zijn 610 minderjarig.

De minister kondigde aan dat het volgende overleg in Melilla plaatsvindt.

Bron: La Moncloa – Ministerio de Política Territorial y Memoria Democrática (25 februari 2026).